Home

Wie zijn wij?

Bijenstallen

de Bijwerkgroep

Verenigingsblad

Agenda/activiteiten

Bestuur/redactie

Werkgroep drachtplanten


Werkgroep drachtplanten aan de slag

Met veel enthousiasme is de werkgroep Drachtplanten in januari jl. aan de slag gegaan. Redenen: Algemeen wordt erkend dat de drachtsituatie voor bijen en andere bloembezoekende insecten is verslechterd. Met name in het agrarisch gebied is de dracht voor bloembezoekende insecten hard achteruit gegaan. Het aanplanten van drachtplanten, zeker om drachtarme perioden op te vullen, kan bijdragen aan een vitaler bijenhouderij in Nederland en zal ook wilde bloembezoekende insecten ondersteunen. 
Doel van de werkgroep is: meer drachtplanten binnen de gemeenten Arnhem, Rheden en Rozendaal. Dit vooral te bereiken door goed lobbywerk en ondersteund door degelijk advies over drachtmogelijkheden voor specifieke situaties en locaties. Het betekent in beginsel dat wij geen eigen fysieke activiteiten zoals inzaaien van drachtzaden en/of fondswerving hiervoor zullen ondernemen. Er is voldoende informatie over drachtplanten en –bomen die geschikt zijn om aan te planten in het openbaar groen met uiteenlopende doelstellingen. Deze informatie is beschikbaar in boeken en op internetsites, maar niet altijd bekend bij de gemeentelijke groenbeheerders. Daarnaast sluit deze informatie soms onvoldoende aan bij de dagelijkse praktijk van het groenbeheer. De meeste gemeenten besteden nauwelijks specifieke aandacht aan bijen in het openbaar groen. Men heeft geen projecten om het aanbod aan drachtplanten te vergroten. Bij de keuze van beplanting spelen bijen nauwelijks een rol Dit betekent echter niet dat in het openbaar groen geen drachtplanten staan of worden aangeplant, alleen gaat de aandacht vaker uit naar vlinders of insecten in het algemeen. Daarnaast is in sommige gemeenten sprake van (gedeeltelijk) ecologisch groenbeheer dat positief uitwerkt voor bijen zoals extensief maaibeheer. Ook in nieuwe woonwijken is meer aandacht voor een ecologische inrichting en dat komt alle soorten ten goede.  
Na een eerste avond denk- en discussiewerk, werden afspraken gemaakt met de wethouders, mw. Harriet Tiemens van de gemeente Rheden en de heer Arno Adema van Rozendaal en de beheerder van de grote groene gebieden in Arnhem, de heer Bart Lichtenberg. De idee van een intentieverklaring, respectievelijk convenant, sloeg direct aan bij de beleidsmakers. Met de gemeente Rozendaal als eerste, waarmee wij de intentieverklaring konden tekenen op 22 februari jl. gevolgd door die met gemeente Rheden op 25 februari jl. Het ondertekenen van het convenant met gemeente Arnhem moet nog even wachten op de komst van de nieuwe wethouder! Dit zijn eerste noodzakelijke stappen op een langjarige activiteit gericht op een samenwerking met deze gemeenten met het doel met praktische, relatief eenvoudige middelen belangrijke verbeteringen van de drachtsituaties te bereiken.  
Wat we verder gaan doen is:
Advies geven over concrete situaties. Hiervoor is het handig om op een kaart van onze gemeenten in te tekenen hoe het gesteld is met de drachtplanten en hoeveel bijenvolken binnen bepaalde gebieden staan. Ook willen we eenvoudig pamflet ontwikkelen waarin we het hoe en waarom en de grote betekenis van goede drachtgebieden willen presenteren. Met voorbeelden van succesvolle projecten.  

De werkgroep bestaat uit:
Voorzitter Arthur Ohm
Eric Dubelaar, Louis Janssen, Leen van ‘t Leven en Theo Moorman.
We zullen u graag geregeld op de hoogte blijven houden van de voortgang.



Gemeente Rheden en imkersvereniging ondertekenen intentieverklaring

Gemeente Rozendaal en
imkersvereniging ondertekenen intentieverklaring

Convenant
Gemeente arnhem


Uitgebreide drachtplantenlijst

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Gemeente Rheden en imkersvereniging ondertekenen intentieverklaring

Gemeente Rheden en de imkervereniging Arnhem Velp e.o. hebben een overeenkomst ondertekend om de bijenstand in de omgeving te stimuleren.

2010 is het internationale jaar van de biodiversiteit. De honingbij vervult een signaalfunctie in de natuur wat betreft allerlei nuttige insecten. Bijen en dus ook andere insecten, lijden momenteel onder een steeds verdere verstening van woongebieden en schaalvergroting in de landbouw. Door schaalvergroting worden grote akkers met dezelfde gewassen ingezaaid, en verdwijnt de variatie uit weidegebieden. Hierdoor krijgen insecten, waaronder bijen, minder en minder gevarieerd voedsel, en zijn mede daardoor vatbaarder voor parasieten en virussen. 

Als bij de aanleg van groenvoorzieningen rekening wordt gehouden met het moment waarop bomen en planten bloeien, is veel winst te behalen. Bijen en ook andere insecten hebben zo in elk deel van het seizoen de beschikking over voldoende voedsel. Als het goed gaat met de honingbij zal het ook beter gaan met de andere soorten. Dit werkt door op de gehele natuurlijke voedselketen en levert dus een positieve bijdrage aan de biodiversiteit.
 
De gemeente Rheden wil graag het goede voorbeeld geven. Op basis van de overeenkomst laat de gemeente zich gevraagd en ongevraagd adviseren door de imkervereniging. In beleidsvorming en dagelijks groenbeheer wordt ook zoveel mogelijk rekening gehouden met deze adviezen.

De getekende intentieverklaring van gemeente Rheden als PDF

TERUG NAAR HOOFDMENU

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 CONVENANT GEMEENTE ARNHEM

Op 6 juni was het zover. Een flinke delegatie, drie bestuursleden en twee leden van de drachtplantencommissie van onze vereniging, had zich in de hal van het gemeentehuis verzameld om het grootse moment van de ondertekening van de inspanningsverplichting van de gemeente om bij het groenbeleid bijzondere aandacht te schenken aan drachtplanten voor bijen en andere insecten, bij te wonen. We werden opgewacht door Mevrouw Margreet van Gastel, sinds kort wethouder van de gemeente. Ook Bart Lichtenberg, het actieve en enthousiaste hoofd van de afdeling Parken en Bossen, was aanwezig. De drachtplantencommissie heeft ondertussen een uitstekende verstandhouding met hem opgebouwd. Mevrouw van Gastel informeerde belangstellend naar het belang van de honingbij en de problemen die zich voordoen. Leen van t’Leven betoogde dat de honingbij een belangrijke signaalfunctie heeft. Gaat het daarmee slecht dan geldt dat ook voor veel andere insecten, vlinders en vogels. Mevrouw van Gastel ging behoorlijk diep in op de problematiek en besefte het gevaar dat het convenant een dode letter kon worden als er geen concrete aanpak zou zijn. Bart Lichtenberg gaf aan dat er bij het beleid al terdege rekening wordt gehouden bij nieuwe aanplant, zoals meer struiken bij bosranden, en onderhoud zoals de momenten van snoeien en maaien en stelt de inbreng van de imkers op hoge prijs. Hij deed ook voorstellen om samen  voorlichtingsacties te doen.  Er ontspon zich een levendige discussie over  mogelijkheden om de problematiek van biodiversiteit en drachtplanten ook aan het publiek duidelijk te maken. Niet allen het openbaar groen is van belang maar ook de inrichting van particuliere tuinen. Gesproken werd over de foute “verstening” van tuinen en het gebruik van gifstoffen.
Eric Dubelaar, lid van onze drachtplantencommissie, is begonnen met het inventariseren van het drachtaanbod en de aanwezigheid van bijenvolken op detailniveau in de gemeente. Het is de (behoorlijk ambitieuze) bedoeling daarvan om inzicht te krijgen in leemten in het drachtaanbod per postcodegebied zowel wat betreft variatie als verspreiding over het seizoen.
De bijeenkomst werd zodoende een bijzonder vruchtbare gedachtewisseling die werd afgesloten met het plechtig plaatsen van de handtekeningen.

 

Terug naar hoofdmenu